Gespecialiseerde taalcursus | Conversatiejaar Turks

 

Docent

Dilek Ozüdogrü | dilek.ozudogru@lessius.eu

 

Algemeen

Turks is de algemene omgangstaal in Turkije, en moedertaal voor de meerderheid van de Turken. Deze taal is nauw verwant aan een honderdtal andere Turkse talen, die vaak ook als 'Turks' geciteerd worden, maar niet direct onderling verstaanbaar zijn: o.m. Kazak, Oezbeeks, Kirgizisch, Turkmeens, Mongools. Er is tevens duidelijke structuurverwantschap met Japans, Koreaans, Fins, Hongaars, Manchu (Mantsjoerije) e.a.

 

Inhoud

Deze conversatiecursus bouwt verder op eerdere cursussen waarin een algemeen overzicht van de structuur van de taal en een basiswoordenschat werd verworven, de reeds verworven kennis wordt in deze cursus verder uitgebouwd. Er wordt vooral aandacht besteed aan het verder verwerven van een behoorlijke woordenschat en dito idiomaticum, wat de nodige tijd en inzet vergt.

 

De volgende onderwerpen komen tijdens het conversatiejaar aan bod: o welkom; o telefonisch gesprek;

 

  • e-mail, brief schrijven;
  • in het reisbureau;
  • bij de bank;
  • aan de douane;
  • in het treinstation;
  • dagelijkse horoscoop;
  • in de kantine;
  • in het café;
  • op straat;
  • op de markt;
  • op vakantie;
  • in een restaurant;
  • in een kledingzaak;
  • bij de makelaar;
  • bij de huisarts, in het ziekenhuis;
  • bij de garagist;
  • het stadsleven;
  • op een verjaardag;
  • bij de politie;
  • wat moppen.

 

Werkvorm

De studenten zullen stilstaan bij / ideeën uitwisselen over verschillende situaties uit het dagelijkse leven. We denken dan aan de weg vragen, winkelen in de supermarkt, reizen met de trein e.a.

 

Enkele vertrekpunten voor de discussie zijn teksten, audio- en videomaterialen, een afbeelding, krantenartikels… . Een sessie (onderwerp) zal nooit langer duren dan een kwartier vanwege de mentaal zware werkvorm.

 

Voor het reflecteren zitten de studenten in een kring. Belangrijk hierbij is dat er oogcontact is met de hele groep. De lesgever neemt de rol op van facilitator. Op basis van het leermiddel stellen de studenten een drietal filosofische/reflecterende vragen op. De lesgever kiest dan een vraag uit die volgens haar de beste is voor de doelgroep en de doelstellingen die de studenten moeten bereiken voor die les.

 

Het draait bij filosoferen niet om de inhoud van de antwoorden, maar om de denkprocessen die de studenten ondergaan.

 

Het uitgangspunt is: 'Wanneer je kan denken in een andere taal, ben je de taal machtig.'

 

Leermiddelen

De studenten krijgen werkbladen per les. Andere leermiddelen zijn teksten, audio- en videomaterialen, een afbeelding, krantenartikels e.a.

 

Evaluatie

Er zijn drie evaluatievormen: permanente evaluatie (20 %), een mondeling examen (50%) en een schriftelijk examen (30).

 

 

Gespecialiseerde taalcursussen

 
   
 
 

Praktische info

 
   
 
 

Permanente vorming op Lessius

 
   
 
-